De seksuele stereotypes voorbij

Wat als ‘natuurlijk’ óók aangeleerd is?

Mannen en vrouwen zijn nu eenmaal anders, toch? Dus willen we ook heel andere dingen in relaties, seksualiteit en het leven, toch? De aanname is vaak dat de verschillen duidelijk zijn, in grote mate voor iedereen gelden en dat ze biologisch van aard zijn. Maar een groot deel van wat we als mannelijk of vrouwelijk seksueel gedrag zien, is ook cultureel gevormd.

Natuurlijk speelt biologie een rol in seksualiteit. Ons lichaam, hormonen, opwinding en verlangens zijn niet los te zien van fysieke processen. Maar biologie vertelt niet het hele verhaal. Seksualiteit krijgt ook betekenis door de wereld om ons heen.

Cultuur bepaalt mee hoe we seksualiteit interpreteren. De samenleving vertelt ons wie veel zin “hoort” te hebben, wie initiatief “hoort” te nemen, welke verlangens als normaal gelden, welke vormen van seks bespreekbaar zijn en wat als aantrekkelijk, gepast of juist ongepast wordt gezien.

"Al vanaf jongs af aan wordt ons geleerd hoe we zouden moeten zijn. Dat gebeurt niet alleen expliciet, maar ook via media, opvoeding, vrienden, school en cultuur."

Daardoor beleven we seksualiteit nooit alleen met ons lichaam. We beleven haar ook door de ideeën, normen en verhalen heen die we hebben meegekregen. We leren niet alleen wat seks is, maar ook wie daarin welke rol hoort te hebben. Daardoor voelen genderverwachtingen vaak als natuur, terwijl ze ook scripts zijn.

Seksualiteit ontstaat niet op zichzelf. Wat we voelen, willen en normaal vinden, wordt altijd mede gevormd door de wereld om ons heen. Veel van wat we als mannelijk of vrouwelijk in seksualiteit zien, is niet alleen of per se aangeboren, maar juist aangeleerd.

In dit artikel richt ik me voor de leesbaarheid vooral op stereotypes rond cisgender mannen en vrouwen. Mensen met andere genderidentiteiten en seksuele oriëntaties krijgen met aanvullende en deels andere stereotypes te maken. Die verdienen meer ruimte dan ik binnen dit artikel kan bieden.

De seksuele rolverdeling begint al vroeg

Al vroeg krijgen mensen boodschappen mee over hoe jongens en meisjes horen te zijn. Jongens houden van auto's, meisjes van poppen. Jongens zijn competitief, meisjes zijn verzorgend. Jongens moeten stoer en sterk zijn, meisjes vooral aantrekkelijk en zacht. Tijdens onze hele jeugd worden we continu gevoed en bevestigd in deze stereotypen. En dat is niet zonder gevolgen. Even afgezien van mentale problemen die het op latere leeftijd kan geven, heeft het ook een grote impact op onze seksualiteit.

Al vanaf jongs af aan wordt ons geleerd hoe we zouden moeten zijn. Dat gebeurt niet alleen expliciet, maar ook via media, opvoeding, vrienden, school en cultuur. Daardoor worden seksuele rollen al gevormd voordat iemand echt taal heeft voor diens eigen seksualiteit.

Het gevolg? Nog voor we goed weten wat seksualiteit voor ons betekent, leren we vaak al welke rol we daarin zouden moeten spelen.

"Het probleem is niet alleen dat deze ideeën lang niet voor iedereen kloppen. Ze bepalen ook welke gevoelens, behoeften en gedragingen we bij iemand verwachten en hoe we die vervolgens beoordelen."

Hoe je “hoort” te zijn in je seksualiteit

We krijgen niet alleen mee hoe mannen, vrouwen en mensen buiten die tweedeling zich in het dagelijks leven zouden moeten gedragen. Ook binnen seksualiteit bestaan duidelijke verwachtingen over wie verlangt, wie initiatief neemt, wie volgt, wie grenzen stelt en wie vooral moet presteren.

Die verwachtingen worden vaak gepresenteerd als logische gevolgen van biologische verschillen. Mannen zouden nu eenmaal directer, visueler en seksueler zijn. Vrouwen zouden juist meer behoefte hebben aan emotionele verbinding, voorzichtiger zijn en minder vaak uit zichzelf verlangen. Mensen die niet binnen de heteroseksuele of cisgendernorm vallen, krijgen weer andere simplistische beelden opgelegd.

Het probleem is niet alleen dat deze ideeën lang niet voor iedereen kloppen. Ze bepalen ook welke gevoelens, behoeften en gedragingen we bij iemand verwachten en hoe we die vervolgens beoordelen. Hetzelfde gedrag kan daardoor heel anders worden gelezen, afhankelijk van wie het laat zien.

Een paar voorbeelden van hardnekkige rolverdelingen:

Over mannen

  • mannen hebben veel zin in seks
  • mannen zijn visueel ingesteld en raken opgewonden van wat ze zien
  • mannen willen vooral seks en minder diepgaande intimiteit
  • mannen twijfelen niet, zij weten wat ze willen

Over vrouwen

  • vrouwen willen vooral verbinding
  • vrouwen moeten hun grenzen bewaken en vooral niet teveel willen
  • Vrouwen zijn gevoeliger
  • Vrouwen zijn zorgzamer
  • Vrouwen hebben minder zin in seks

En deze rollen gaan dan vooral over seksualiteit, intimiteit en relaties. Dit laat nog de rollen aangaande ouderschap, werk, sport en vele andere onderdelen van het leven buiten beschouwing. Dit zijn geen neutrale beschrijvingen van hoe mensen nu eenmaal zijn. Het zijn verwachtingen die voortdurend worden herhaald en daardoor steeds meer als waarheid gaan voelen. Wie binnen het plaatje past, merkt dat misschien nauwelijks. Wie ervan afwijkt, krijgt sneller het gevoel anders, moeilijk of zelfs verkeerd te zijn.

"Een rol wordt het sterkst wanneer we niet eens meer doorhebben dat het een rol is, maar die als werkelijkheid ervaren."

Waarom deze scripts zo hardnekkig zijn

Veel mensen herkennen zich vast in de eerder opgesomde rolverdelingen. Maar de vraag blijft: in hoeverre is dit aangeleerd en in hoeverre biologisch? Dit blijft een doorlopende discussie tussen nature versus nurture. Maar wat onder aan de streep belangrijk blijft om te onthouden is dat de verschillen binnen de genoemde groepen vele malen groter zijn dan tussen de groepen.

Ieder individu is daarin uniek en de focus zou veel meer daarop moeten liggen dan op vooraf bedachte rolvertellingen. Maar in plaats daarvan worden de verwachtingen en rolverdelingen er met de paplepel ingegoten. Het liefst een paplepel in een kleur die past bij een jongetje of meisje natuurlijk.

Het begint vaak met de kleur van kleertjes, daarna krijg je een pop of een auto. Vervolgens zitten de rolbevestigingen in alle media zoals (teken)films, in ons taalgebruik, grapjes die worden gemaakt, keuze voor opleidingen en zelfs de manier waarop we onze emoties uiten. Zeg nou zelf, jongens huilen niet toch? En een meisje dat boos is, dat staat toch niet? Vanaf het eerste moment dat we de wereld om ons heen kunnen waarnemen worden we geïndoctrineerd met verwachtingen en rollen die we zouden moeten vervullen.

En deze rollen zijn hardnekkig, niet alleen weten we welke rol we zouden moeten spelen en invullen. Zelfs als we het er niet mee eens zijn, denken we in veel gevallen nog “dat dit nu eenmaal van nature zo is”, dat de biologie bepaalt wat in praktijk sociaal en cultureel opgelegd wordt. Doordat deze rollen al zo lang bestaan en worden toegedeeld, is het vaak moeilijk om voor te stellen dat het überhaupt anders kan.

Een rol wordt het sterkst wanneer we niet eens meer doorhebben dat het een rol is, maar die als werkelijkheid ervaren.

Wat deze beelden doen met verlangen, initiatief en grenzen

En nu denk je misschien: leuk, die ‘woke’ ideeën over genderrollen, maar wat maakt het in de praktijk uit? Het werkt toch grotendeels zo? Dat is nog maar de vraag. Tegenover alles wat we volgens zo’n rol zouden moeten doen, staat namelijk ook alles wat we niet zouden mogen doen, voelen of verlangen. Verwachtingen bieden niet alleen een route, maar zetten ook hekken om alles wat daarbuiten valt.

Die grenzen zijn niet neutraal. Ze worden gekoppeld aan wie iemand geacht wordt te zijn op basis van gender, lichaam of seksuele oriëntatie. Daardoor krijgt hetzelfde gevoel een andere betekenis, afhankelijk van wie het voelt.

"Pas wanneer we de rol leren herkennen, kunnen we kiezen of we hem nog willen spelen."

Een man zonder zin in seks kan zich afvragen of er iets mis is met hem of zijn mannelijkheid. Een vrouw met veel verlangen loopt juist het risico als ‘te veel’ te worden gezien. Een man die behoefte heeft aan vertraging, veiligheid of emotionele verbinding kan zich zwak voelen. Een vrouw die duidelijk initiatief neemt, wordt sneller verkeerd beoordeeld. Zelfs een nee wordt niet altijd hetzelfde ontvangen: bij de één geldt die als een legitieme grens, terwijl van een ander wordt verwacht dat die eigenlijk altijd beschikbaar is.

Seksualiteit wordt zo niet alleen gevormd door wat iemand werkelijk voelt, maar ook door wat iemand denkt te móéten voelen. Je gaat jezelf vergelijken met een rol die misschien nooit bij je heeft gepast. Je vraagt je af waarom je niet spontaan verlangt, waarom je minder initiatief neemt, waarom je meer behoefte hebt aan nabijheid of waarom jouw lichaam niet reageert zoals dat volgens het stereotype zou moeten.

In plaats van nieuwsgierig te onderzoeken wat er speelt, komt er dan sneller oordeel. Mensen gaan twijfelen aan zichzelf, schamen zich voor hun behoeften of proberen zich aan te passen aan wat normaal lijkt. Wanneer zulke normen niet alleen persoonlijk worden geïnternaliseerd, maar ook sociaal worden afgedwongen, kunnen ze leiden tot uitsluiting, controle, discriminatie en in ernstige gevallen geweld.

Wanneer we mensen werkelijk de ruimte geven om zichzelf te zijn en te ontdekken wat zij prettig vinden, zolang de vrijheid, veiligheid en grenzen van anderen worden gerespecteerd, hoeft seksualiteit niet te draaien om voldoen aan verwachtingen. Dan ontstaat er ruimte om te voelen, te kiezen en af te stemmen.

Het ene script houdt bovendien het andere in stand. In ons zwart-witte beeld moet de één minder zijn, zodat de ander meer kan zijn. Als mannen altijd initiatief horen te nemen, moeten vrouwen afwachten. Als mannen vooral seks willen, moeten vrouwen vooral verbinding willen. Als vrouwen de grenzen bewaken, hoeven mannen kennelijk minder verantwoordelijkheid te dragen voor afstemming. Zulke rollen bestaan niet los van elkaar: ze bevestigen en versterken elkaar.

Daardoor worden beide kanten beperkt. De man krijgt minder ruimte voor twijfel, vertraging en afwijzing. De vrouw krijgt minder ruimte voor initiatief, uitgesproken verlangen en seksuele eigenheid. En iedereen die niet binnen deze tweedeling past, wordt gedwongen zich te verhouden tot een rolverdeling die bij voorbaat geen goede plek voor hen heeft.

Voorbij de stereotypes

Het doel is niet om te ontkennen dat er lichamelijke verschillen bestaan of dat groepen gemiddeld op bepaalde punten van elkaar kunnen verschillen. Het probleem ontstaat wanneer we gemiddelden behandelen als vaste eigenschappen en vervolgens verwachten dat ieder individu zich daarnaar gedraagt.

Mensen zijn geen gemiddelde. Binnen iedere groep zijn de verschillen enorm. Er zijn mannen die veel verlangen en mannen die nauwelijks met seks bezig zijn. Vrouwen die vooral veiligheid nodig hebben en vrouwen die direct, uitgesproken en avontuurlijk zijn. Mensen die graag initiatief nemen, mensen die liever reageren en mensen bij wie dat per situatie verandert. Geen van die manieren hoeft meer of minder natuurlijk te zijn.

Voorbij seksuele stereotypes komen betekent daarom niet dat iedereen hetzelfde moet worden. Het betekent juist dat er meer ruimte komt voor echte verschillen. Niet vooraf bepalen wie iemand is op basis van gender, maar vragen wat diegene voelt, nodig heeft en prettig vindt.

Dat vraagt om nieuwsgierigheid. Naar jezelf, maar ook naar de ander. Welke ideeën over seksualiteit heb je meegekregen? Welke verwachtingen leg je daardoor onbewust op jezelf of je partner? En hoeveel ruimte is er om daarvan af te wijken?

Pas wanneer we de rol leren herkennen, kunnen we kiezen of we hem nog willen spelen. Dan hoeft seksualiteit niet langer te draaien om wat mannen, vrouwen of anderen zouden moeten zijn, maar om wat er tussen individuele mensen werkelijk mogelijk is.